Lees hoofdstuk · Leviticus 5: Schuld, belijdenis en herstel binnen Gods heilige orde · Leer de Bijbel
Inleiding
Lezen
Uitleg
Quiz
Afronden

Leviticus 5: Schuld, belijdenis en herstel binnen Gods heilige orde

Tekst uit de NBG (1951).

1
Wanneer iemand zondigt, in geval hij een overluid gesproken vervloeking hoort en getuigeIemand die vertelt wat hij gezien heeft. is, hetzij hij het zelf gehoord heeft of het te weten gekomen is, dan draagt hij, indien hij het niet aanbrengt, zijn ongerechtigheidZonde; onrecht dat tegen God ingaat..
2
Of als iemand iets onreins aanraakt, hetzij het aas van een onreinNiet zuiver volgens Gods wil. wild dier, of van een onreinNiet zuiver volgens Gods wil. stuk vee, of van een onreinNiet zuiver volgens Gods wil. kruipend dier, zonder er zich van bewust te zijn, dan is hij onreinNiet zuiver volgens Gods wil. en schuldig.
3
Of wanneer hij de onreinheidMorele of geestelijke onzuiverheid. van een mens aanraakt, door welke onreinheidMorele of geestelijke onzuiverheid. hij ook maar onreinNiet zuiver volgens Gods wil. gewordenGebeurd; ontstaan. is, zonder er zich van bewust te zijn, en hij bemerkt het, dan is hij schuldig.
4
Of wanneer iemand onbezonnenOnverstandig en zonder nadenken. een eed uitspreekt, om iets te doen, hetzij kwaad, hetzij goed, hoe een mens ook maar in een eed onbezonnenOnverstandig en zonder nadenken. spreken kan, zonder er zich van bewust te zijn, en hij bemerkt het, dan is hij schuldig aan een van deze dingen.
5
Wanneer hij nu aan een van deze dingen schuldig is, dan zal hij belijdenUitspraken doen van geloof of schuld., waarin hij gezondigd heeft,
6
en aan de Here als boete voor de zonde die hij begaan heeft, een dier van het vrouwelijk geslacht uit het kleinvee, een schaap of een geit, ten zondoffer brengen; zo zal de priesterIemand die namens het volk tot God nadert. over hem voor zijn zonde verzoening doen.
7
Maar indien zijn draagkracht ontoereikend is voor een stuk kleinvee, dan zal hij als boete voor de zonde die hij gedaan heeft, twee tortelduiven of twee jonge duiven de Here brengen, een ten zondoffer en een ten brandofferOffer dat helemaal verbrand wordt om God te eren..
8
Hij zal ze tot de priesterIemand die namens het volk tot God nadert. brengen, en deze zal het eerst offeren die, welke ten zondoffer bestemd is. En hij zal haar kop van haar nek afknijpen, maar die niet afscheiden.
9
Hij zal van het bloed van het zondoffer tegen de zijde van het altaar sprenkelen, maar wat van het bloed overblijft zal aan de voet van het altaar uitgedrukt worden; het is een zondoffer.
10
En de tweede zal hij als brandofferOffer dat helemaal verbrand wordt om God te eren. bereiden, volgens het voorschrift. Zo zal de priesterIemand die namens het volk tot God nadert. verzoening over hem doen voor de zonde die hij begaan heeft, en het zal hem vergeven worden.
11
Indien echter zijn draagkracht ontoereikend is voor twee tortelduiven of twee jonge duiven, dan zal hij als offergaveGift voor God. voor de zonde die hij gedaan heeft, een tiende efa fijn meel ten zondoffer brengen. Hij zal er geen olie op gieten en er geen wierookGeurend spul dat werd gebrand tijdens aanbidding. bijvoegen, wantOmdat; geeft een reden aan. het is een zondoffer.
12
Hij zal het tot de priesterIemand die namens het volk tot God nadert. brengen, en de priesterIemand die namens het volk tot God nadert. zal daarvan een handvol nemen als gedenkoffer en op het altaar in rook doen opgaan op de vuuroffers desVan de; bezittelijke vorm, zoals in “des Heren”. Heren; het is een zondoffer.
13
Zo zal de priesterIemand die namens het volk tot God nadert. verzoening over hem doen voor de zonde die hij in een van deze dingen begaan heeft, en het zal hem vergeven worden. En het zal, evenals het spijsofferGraanoffer., voor de priesterIemand die namens het volk tot God nadert. zijn.
14
De Here sprak tot Mozes:
15
Wanneer iemand ontrouwJe houdt je niet aan je beloften; je laat iemand in de steek. wordt en zonder opzet zonde doet tegen iets van wat de Here geheiligdAfgezonderd en rein gemaakt voor God. is, dan zal hij, als zijn boete, de Here een gave ram van het kleinvee brengen ten schuldoffer, de waarde geschat in zilveren sikkels, naar de heiligeIemand of iets dat bij God hoort en voor Hem is afgezonderd. sikkel.
16
En het heiligeIemand of iets dat bij God hoort en voor Hem is afgezonderd. waartegen hij gezondigd heeft, zal hij vergoeden en daaraan een vijfde toevoegen: hij zal het aan de priesterIemand die namens het volk tot God nadert. geven, en de priesterIemand die namens het volk tot God nadert. zal over hem verzoening doen met de ram van het schuldoffer, en het zal hem vergeven worden.
17
Indien iemand zondigt en doet één van de dingen die de Here verboden heeft, zonder dat hij het weet, dan is hij toch schuldig en draagt zijn ongerechtigheidZonde; onrecht dat tegen God ingaat..
18
Hij zal een gave ram van het kleinvee, in waarde geschat, ten schuldoffer tot de priesterIemand die namens het volk tot God nadert. brengen, en de priesterIemand die namens het volk tot God nadert. zal verzoening over hem doen voor wat hij zonder opzet gedaan heeft, zonder dat hij het wist, en het zal hem vergeven worden.
19
Het is een schuldoffer; hij heeft de Here zijn schuld volkomen geboet.