Inleiding
Lezen
Uitleg
Quiz
Afronden

Numeri 26: De tweede volkstelling en Gods trouw aan het verbond

Numeri 26 beschrijft de tweede volkstelling van Israël na de woestijnoordelen. Het hoofdstuk laat zien hoe God Zijn volk opnieuw ordent en Zijn verbond voortzet met een nieuwe generatie.

Bijbelgedeelte: NUM 26

Numeri 26 vormt een belangrijk scharnierpunt in het boek Numeri. Na oordeel, opstand en verbondsbreuk volgt geen afsluiting, maar een nieuwe telling van het volk. Deze volkstelling vindt plaats in de vlakten van Moab, vlak voor de intocht in het beloofde land. Daarmee wordt zichtbaar dat Gods plan doorgaat, ondanks het falen van de vorige generatie.

De HEERE geeft Mozes en Eleazar opdracht om het volk te tellen, stam voor stam, naar hun families. In tegenstelling tot de eerste telling is deze gericht op een nieuwe generatie. De meeste mannen die bij de eerste telling aanwezig waren, zijn gestorven in de woestijn, overeenkomstig Gods oordeel over het ongeloof. Alleen Kaleb en Jozua blijven over.

De telling maakt duidelijk dat het volk niet is verdwenen, maar vernieuwd. Elke stam wordt zorgvuldig opgesomd, inclusief aantallen. Deze precisie benadrukt dat geen enkele stam vergeten is. Gods trouw blijkt niet uit het vasthouden aan individuen, maar aan Zijn verbondsbelofte aan het geheel van Israël.

Opmerkelijk is dat sommige stammen groeien, terwijl andere krimpen. Deze verschillen worden niet verklaard, maar maken duidelijk dat God soeverein handelt binnen de geschiedenis. Het volk is niet het resultaat van toeval, maar van Gods bewarende hand.

Tijdens de opsomming worden enkele gebeurtenissen uit het verleden opnieuw genoemd, zoals de opstand van Korach. Deze verwijzingen functioneren als herinnering en waarschuwing. De nieuwe generatie wordt bepaald bij de ernst van ongehoorzaamheid, terwijl zij zich voorbereidt op een nieuw begin.

Een belangrijk doel van de volkstelling is de verdeling van het land. Het erfdeel zal worden toegewezen naar verhouding van de grootte van de stammen. Hiermee wordt vooruitgeblikt op het leven in het land. De telling is dus niet slechts administratief, maar toekomstgericht.

Ook de Levieten worden afzonderlijk geteld. Hun telling wijkt af van die van de overige stammen, omdat zij geen erfdeel in het land zullen ontvangen. Hun roeping blijft verbonden aan de dienst van het heiligdom. Zo wordt opnieuw bevestigd dat hun plaats binnen Israël uniek is.

Het hoofdstuk sluit met de nadrukkelijke vaststelling dat niemand van de oorspronkelijke, ongelovige generatie nog leeft. Deze conclusie onderstreept de betrouwbaarheid van Gods woord. Wat Hij gesproken heeft, is uitgekomen.

Numeri 26 laat zien dat oordeel niet het einde is van Gods handelen. Na reiniging volgt herordening. God bouwt verder met een volk dat door beproeving heen is gegaan.

Het hoofdstuk onderwijst dat Gods trouw generaties overstijgt. Hij blijft Zijn volk tellen, kennen en ordenen, ook wanneer personen verdwijnen.

Zo toont Numeri 26 dat Gods verbond standhoudt. Waar mensen falen, blijft God toekomst scheppen door een vernieuwde gemeenschap.

Kernboodschap
Numeri 26 beschrijft de tweede volkstelling van Israël na de woestijnperiode. Een nieuwe generatie wordt geteld ter voorbereiding op de intocht in Kanaän. De oude, ongelovige generatie is verdwenen, maar Gods volk bestaat voort. De telling dient voor ordening en toekomstige landverdeling. Het hoofdstuk benadrukt Gods trouw ondanks menselijk falen.